Fulco de Minstreel: Een historisch verhaal uit den tijd van Graaf Jan I voor jongelieden by Kieviet


Main
- books.jibble.org



My Books
- IRC Hacks

Misc. Articles
- Meaning of Jibble
- M4 Su Doku
- Computer Scrapbooking
- Setting up Java
- Bootable Java
- Cookies in Java
- Dynamic Graphs
- Social Shakespeare

External Links
- Paul Mutton
- Jibble Photo Gallery
- Jibble Forums
- Google Landmarks
- Jibble Shop
- Free Books
- Intershot Ltd

books.jibble.org

Previous Page | Next Page

Page 55

"Zulk eene behandeling heb ik niet aan je verdiend, Coenraad!" hernam
Fulco op verwijtenden toon. "Het was niets dan belangstelling van
me, dat ik naar je bed ging. Ik wilde alleen even luisteren, of je
pijn over was of niet, met het plan, om je kies, zoo dat noodig was,
nog eens goed in te wrijven. Ik meende, dat ik je hoorde kreunen."

"Zoo?" zeide Coenraad wantrouwend. "Maar wat moest je dan met je hand
aan mijn hoofdkussen doen?"

"Dat is mijn geheim, Coenraad," zeide Fulco op eenigszins
geheimzinnigen toon. "Alleen wil ik je zeggen, dat ik je de kiespijn
afnam, maar hoe ik dat deed, heen, dat zeg ik niet; dat mag ik ook
niet zeggen. Geloof je me nu?"

"'t Is mogelijk," zeide Coenraad schouderophalend.

Blijkbaar was zijn wantrouwen nog niet geheel geweken. "Weet-je wat
we doen moesten?" vroeg Fulco lachend. "Nu, wat dan?"

"Wel, we moesten gaan slapen. Weet-je wel, dat je me geducht aan het
schrikken gemaakt hebt?"

"Jij mij zeker niet!" bromde Coenraad. "Nu, ga dan maar weer in bed,
doch nu haal je niet weer zulke kunsten uit, versta je!"

"Dat is afgesproken," zeide Fulco.

De beide mannen stapten weer in bed.

"Misschien gaat hij weer slapen," dacht Fulco, bedroefd over het
mislukken van zijne poging.

Doch dien nacht viel Coenraad niet weer in slaap. Hoewel de woorden
van Fulco hem eenigszins hadden gerustgesteld, vertrouwde hij zijn
kamergenoot toch niet weer geheel. Slapen althans durfde hij niet,
en onophoudelijk luisterde hij, of hij beweging in het andere bed
hoorde. Zoo ging de nacht langzaam voorbij.

Coenraad begroette den dag met vreugde. Fulco daarentegen zag de
eerste zonnestraal met een bezwaard hart. Bedroefd en terneergeslagen
verliet hij, met zijne mars op den rug, den burcht, en moedeloos kwam
hij een dag later op Heukelom aan.

"Heb ik het niet gezegd?" riep Heer Otto uit, toen Fulco hem zijn
wedervaren vertelde. "'t Is een onbegonnen werk en ik zou verder
de moeite maar sparen. Je moogt van geluk spreken, dat je er zoo
afgekomen bent."

"Toch geef ik den moed nog niet verloren, Heer!" zeide Fulco. "Wel
is mijn eerste plan mislukt, maar misschien ben ik met het tweede
gelukkiger."

Den volgenden dag begaf Fulco zich weer op weg, nu echter zonder
mars. Hij ging naar Vlaanderen.

Daar oefende hij zich ijverig in de muziek en verbond zich met eenige
jongelieden, die bereid waren hem op zijne rondreis als minstreel
te vergezellen. Het waren talentvolle jongelieden, die met elkander
een voor dien tijd volledig orkest vormden. Fulco zelf bespeelde de
viool; zijne metgezellen ieder een ander instrument, namelijk de lier,
een instrument met twaalf snaren, dat bespeeld werd met de vingers,
een monocordion, een strijkinstrument met ��n snaar, een chorus,
een blaasinstrument, een psalterium en een cyther.

Met dat gezelschap begaf Fulco zich op weg naar Dordrecht, om eene
laatste poging tot redding van Heer Gijsbrecht te doen.

Hoe hoopte de brave jongen, dat het hem nu zou mogen gelukken!



HOOFDSTUK 8

De grijze minstreel

't Was feest op Crayenstein, het machtige slot van den gevreesden
Aloud, 's Graven Baljuw. De burchtzaal was door een tal van lampen en
fakkels verlicht, die hun schijnsel door de ramen naar buiten wierpen,
en vroolijk klonk het rinkelen der bekers en het gejuich der gasten
zelfs tot buiten de muren.

Previous Page | Next Page


Books | Photos | Paul Mutton | Tue 29th Sep 2026, 23:05