Fulco de Minstreel: Een historisch verhaal uit den tijd van Graaf Jan I voor jongelieden by Kieviet


Main
- books.jibble.org



My Books
- IRC Hacks

Misc. Articles
- Meaning of Jibble
- M4 Su Doku
- Computer Scrapbooking
- Setting up Java
- Bootable Java
- Cookies in Java
- Dynamic Graphs
- Social Shakespeare

External Links
- Paul Mutton
- Jibble Photo Gallery
- Jibble Forums
- Google Landmarks
- Jibble Shop
- Free Books
- Intershot Ltd

books.jibble.org

Previous Page | Next Page

Page 53

"Bravo!" riepen de anderen. "Ga zitten koopman, en laat zien, wat
je hebt."

"Veel meer dan je koopen zult!" riep Fulco. "Maar kijken kost geen
geld, niet waar? Doch laat ik eerst den armen zieke helpen. Ziedaar,
hier is het. 't Is het heerlijke middel van Hippocrates, een beroemd
kruidkundige uit de oudheid. Wrijf er de zieke plaats aan alle zijden
mede in en binnen korten tijd is de pijn geheel verdwenen. Als het
noodig is, moet de inwrijving een- of tweemaal herhaald worden."

Coenraad volgde het voorschrift getrouw op, en nu begon Fulco zijne
koopwaren op de groote tafel uit te stallen.

"Waar is de kok?" riep hij. "Hier heb ik peper, gember, kruidnagelen,
komijn en muskaatnoten. Niet noodig? En hier heb ik hozen van de
fijnste soort in allerlei kleur. Je kunt maar kiezen, alles gaat van
avond voor een koopje, want ik heb een goeden dag gehad. En ziet eens
hier: fijne, sterke haarbanden, gespen, naalden, messen, alles sterk
en goedkoop. Linnen en fluweel, dolken van tien penningen en dolken
van een pond. Is het geen pracht om te zien?"

Fulco pakte zijne geheele mars uit en liet alles van hand tot hand
gaan, zoodat bijna de geheele avond besteed werd aan het uit- en
inpakken en bezichtigen van de schoone koopwaren. Het was al laat,
eer alle handel afgeloopen en de mars in een hoek van de kamer
geplaatst was.

"En hoe gaat het nu met de kiespijn, Coenraad?" vroeg Fulco.

"'t Is niet erger, kramer; ik zou haast zeggen, dat het iets beter is."

"V��r je naar bed gaat, zullen we de kies nog eens goed inwrijven,"
zeide Fulco vriendelijk. "En dan moet je mijne spoeling van kruipenden
ganzerik eens probeeren. Die helpt ook uitstekend."

"Hoeveel kost die?" vroeg Coenraad. Fulco maakte eene afwerende
beweging met de hand en zeide:

"De ��ne dienst is den anderen waard, goede vriend. Laten we daarover
niet meer spreken."

En zich tot den cipier overbuigende, fluisterde hij hem in het oor:

"Ik slaap hier niet voor niets. In eene herberg zou ik ook moeten
betalen, niet waar? Straks, als we alleen zijn, heb ik nog een
mooien gordelriem voor je. Ik heb graag overal, waar ik kom, goede
vrienden. Doch laat er niets van merken, voor ik vertrokken ben."

Coenraad knikte. De marskramer beviel hem wel, en al spoedig daarna
stond hij op, om zich ter ruste te begeven.

"Indien gij wilt, kunt ge wel op mijne kamer slapen," zeide hij
tegen Fulco.

"Als ik u daar niet tot overlast ben, heel gaarne," antwoordde Fulco
opstaande.

Hij nam zijne mars op den rug, en na allen een goeden nacht
toegewenscht te hebben, volgde hij den dikken cipier naar diens
vertrek. Hier haalde Fulco een gordelriem uit zijne mars en gaf
hem dien.

"Hartelijk dank, kramer!" riep Coenraad verheugd. "Wees er verzekerd
van, dat ge voortaan een vriend in mij zult vinden, en als ge weer
te Dordrecht komt, kunt ge hier overnachten, hoor."

"Dat neem ik gaarne aan," zeide Fulco. "Hoe is het nu met de kiespijn?"

"'t Wordt al veel beter, maar toch moesten we nog maar eens insmeren."

"Heb ik het niet gezegd? Geen beter middel dan dat van den beroemden
Hippocrates. Gebruik nu deze spoeling van ganzerik nog en je zult
slapen als een roos, dat verzeker ik u."

Een half uur later lagen Coenraad en Fulco ieder op een rustbed, doch
geen van beiden sliep. Coenraad kon niet in slaap komen, omdat de
pijn weer heviger geworden was, zoodra hij in het warme bed kwam, en
Fulco was wakker, omdat hij niet slapen wilde. Onafgebroken luisterde
hij naar de ademhaling van Coenraad, met het vaste plan, om zich,
zoodra deze sliep, van de sleutels meester te maken en zich naar de
onderaardsche holen te spoeden, in ��n waarvan Heer Gijsbrecht zijn
ongelukkig lot voortsleepte.

Previous Page | Next Page


Books | Photos | Paul Mutton | Tue 29th Sep 2026, 20:30