Fulco de Minstreel: Een historisch verhaal uit den tijd van Graaf Jan I voor jongelieden by Kieviet


Main
- books.jibble.org



My Books
- IRC Hacks

Misc. Articles
- Meaning of Jibble
- M4 Su Doku
- Computer Scrapbooking
- Setting up Java
- Bootable Java
- Cookies in Java
- Dynamic Graphs
- Social Shakespeare

External Links
- Paul Mutton
- Jibble Photo Gallery
- Jibble Forums
- Google Landmarks
- Jibble Shop
- Free Books
- Intershot Ltd

books.jibble.org

Previous Page | Next Page

Page 48

"Dat weet ik! Dat weet ik! 't Is een meesterlijke zet geweest, en
het zou mij niet verwonderen, als jij daar de hand in hadt gehad. Nu,
heb ik het mis?"

"Neen, Heer. De Edelvrouw had die eervolle taak aan mij opgedragen
en het geluk is mij dienstig geweest."

"Je verdient den ridderslag, Fulco!" riep Heer Otto opgetogen
uit. "Wacht even. Ik zal eerst mijne gemalinne met het nieuws op de
hoogte brengen. Ik kom dadelijk terug."

Nauwelijks had hij de zaal verlaten, of hij kwam weer binnen, gevolgd
door de Burchtvrouwe, die haastig op Fulco toetrad en hem met vragen
als het ware overstelpte. Toen hare eerste nieuwsgierigheid een weinig
bevredigd was, zeide Heer Otto:

"En wat is nu eigenlijk het doel van uw tocht, Fulco? Ik kan mij niet
voorstellen, dat gij den burcht verlaten hebt, alleen om ons dit alles
te komen mededeelen. Ongetwijfeld voert gij wat anders in uw schild?"

"Dat is ook zoo, Edele Heer. Ik ben hierheen gekomen, om uw raad in
te winnen over een zeer gewichtig plan, dat ik u onder de grootste
geheimhouding mededeel, Mijn voornemen is, Heer Gijsbrecht uit den
kerker te verlossen."

"Dat is een dwaas plan, Fulco, omdat het eenvoudig onmogelijk is. Nu
had ik je wijzer gedacht. Het zou vrij wat verstandiger van je geweest
zijn, als je op den burcht gebleven waart."

"Acht u het zoo dwaas, Edele Heer?" vroeg Fulco, wel een weinig
ontmoedigd door de woorden van Heer Otto.

"'t Is een onmogelijk plan, Fulco, hetwelk ik u raad, zoo spoedig
mogelijk uit uwe gedachten te zetten. Hoe kunt ge zoo dwaas zijn,
om zoo ondoordacht den burcht te verlaten."

"Ik ging met verlof van de Burchtvrouwe, Edele Heer, en zoo heel
dwaas acht ik het niet. Wel weet ik dat het moeilijk te volvoeren zal
zijn en dat het met groote gevaren gepaard zal gaan, maar ik acht het
evengoed uitvoerbaar als het opzet, om Vianen zijn kind te ontrooven,
en dat is toch ook wel gelukt."

"Dat is waar, Fulco, je hebt gelijk, maar dit,--neen, ik geloof
niet, dat het uitvoerbaar is. Het zal je ongetwijfeld het leven
kosten."

"Mijn leven heb ik er voor over, Heer," zeide Fulco ernstig. "Ik hoop,
dat de goede God mij helpen zal."

Heer Otto schudde peinzend het hoofd, maar de Vrouwe van Heukelom
stond op en drukte Fulco geroerd de hand.

"Trouwe Fulco," zeide zij. "Gij hebt een edel hart. Ga met God. Als het
Zijn wil is, zullen de kerkerdeuten voor mijn ongelukkigen schoonzoon
geopend worden. Ik ben het met u eens: het plan is niet moeilijker
uit te voeren, dan het rooven van Vianens kind."

"Ik hoop het van harte," zeide Heer Otto. "Maar weet ge wel eens,
waar hij gevangen gehouden wordt?"

"Neen, Heer, dat weet ik niet."

"Hij is te Dordrecht, in een der kerkers van Crayenstein, het slot,
dat door Heer Aloud bewoond wordt.

Ziet gij nu nog het onmogelijke van uw plan niet in?"

"Op Crayenstein?" vroeg Fulco ontsteld.

"Ja, op Crayenstein," herhaalde Heer Otto.

"Toch zal ik het beproeven," hernam Fulco, "al moet het mij ook het
leven kosten. Nu is het nog maar de vraag, op welke wijze ik mij daar
toegang zal verschaffen."

"Misschien zoudt ge u daar als bediende kunnen laten
aanstellen?" opperde de edelvrouwe. "Als dat gelukte, zoudt ge
waarschijnlijk wel een middel kunnen vinden, om den kerker te
ontsluiten."

Previous Page | Next Page


Books | Photos | Paul Mutton | Tue 29th Sep 2026, 13:52