|
Main
- books.jibble.org
My Books
- IRC Hacks
Misc. Articles
- Meaning of Jibble
- M4 Su Doku
- Computer Scrapbooking
- Setting up Java
- Bootable Java
- Cookies in Java
- Dynamic Graphs
- Social Shakespeare
External Links
- Paul Mutton
- Jibble Photo Gallery
- Jibble Forums
- Google Landmarks
- Jibble Shop
- Free Books
- Intershot Ltd
|
books.jibble.org
Previous Page
| Next Page
Page 86
"Zij is een mijner beste en liefste leerlingen," verzekerde de
directrice aan mevrouw d'Ablong, toen Elsje een jaar op de kostschool
had doorgebracht, "het is alleen maar jammer, dat zij soms van die
wonderlijke, luidruchtige buien heeft. Zij is dan zoo levendig en
vol grappen, dat zij al de andere meisjes aan den gang maakt en... ja
eerlijk gezegd, heb ik zelf soms moeite mijn lachen te bedwingen. Zij
kan zoo aardig origineel met een of andere opmerking voor den dag
komen. Zij heeft bepaald vele gaven, lieve mevrouw, en het is treffend
om te zien hoe zij onder den indruk komt van een mooi natuurtafreel,
dan is ze stil en ernstig, maar er zijn dagen dat haar levenslust
haar vergeten doet waar zij is en zij zal nog veel moeten leeren,
eer zij zich volkomen gracieus en _ladylike_ gedraagt. Dat drukke en
opgewondene moet wat getemperd worden."
"O ja zeker, zeker, levendigheid is goed, maar luidruchtigheid kan
ijselijk burgerlijk zijn," antwoordde mevrouw d'Ablong zeer beslist.
Zij zou reden hebben zich nog meer te ergeren aan Elsje's gemis aan
aristocratische bedaardheid. Tot groote teleurstelling van Elsje,
ging men in de zomervacantie niet bij grootmama logeeren. Met de
Paaschdagen had Elsje haar even gezien en er zich op verheugd in
Juli en Augustus eenige weken bij haar te komen, maar toen de groote
vacantie aanstaande was, schreef hare tante haar dat C�cile weer een
week of zes aan zee moest doorbrengen en dat zij zelf daarom besloten
had met de beide meisjes kamers te nemen in het badhotel, waar zij
den vorigen zomer met Cilly had gelogeerd. Grootmama schreef aan
Elsje hoe het haar speet, dat zij haar nu niet bij zich zou krijgen;
zij moesten nu beiden maar hopen op den volgenden zomer; het jaar
zou gauw genoeg om zijn en in de Kerstvacantie kwam de oude dame
stellig bij haar schoondochter logeeren. Wat zou Elsje dan al een
jonge dame zijn! Zij was nu immers al zestien jaar? Frits beweerde,
dat hij haar nauwelijks meer "Roodkapje", zou durven noemen, als hij
een paar dagen in het hotel kwam logeeren bij zijn tante.
Dus Frits zou ze toch w�l zien! Dat vond Elsje nogal prettig en toen
de vacantie eindelijk daar was en mevrouw d'Ablong haar het aardige
slaapkamertje toonde, dat zij voor zich alleen zou hebben en haar een
paar vriendelijke woorden zei, omdat zij op school zoo goed haar best
had gedaan en toen C�cile zich verwaardigde ook vrij aardig jegens
haar te wezen,--trok het denkbeeld in het hotel zes weken door te
brengen, haar meer aan.
Er waren verscheidene gasten en men at aan table d'h�te. Het trof
toevallig dat Elsje een paar plaatsen van hare tante en C�cile af een
stoel kreeg naast een vriendelijken, ouden heer, die al heel gauw een
praatje met haar begon. Elsje antwoordde vroolijk en ongedwongen. Zij
had er nogal tegenop gezien met zooveel vreemde menschen aan tafel
te zitten, maar nu de maaltijd even aan den gang was, viel het haar
erg mee. Hare tante keek telkens eens tersluiks langs de tafel heen,
of Elsje netjes at en netjes zat en bemerkte tot haar voldoening dat
het meisje erg "aangeleerd" was in het verloopen jaar. Alles ging
goed tot het dessert, toen de oude heer allerlei grappen met zijn
buurmeisje begon te maken over een schoteltje pralines en flikjes,
waarvan hij haar zeer overvloedig had bediend. Elsje's oogen begonnen
te schitteren van pret. Zij had een kleur gekregen, eerst van een
beetje agitatie, later van het drukke praten en van het plezier en
zij zag er zoo aardig en aantrekkelijk uit in haar frissche jeugd, dat
haar buurman hoe langer hoe meer welbehagen in haar kreeg. Toevallig
was het juist een oogenblik heel stil aan tafel, toen de vroolijke,
oude heer iets zeide, dat Elsje in een luiden, helderen lach deed
uitbarsten, die echter plotseling verstomde, toen men haar verbaasd
aanzag en hare tante met een gezicht vol strenge berisping haar kant
uitkeek. Het was gedaan met Elsje's zorgelooze vroolijkheid. De oude
heer fluisterde haar toe dat zij niet zoo verlegen moest zijn en dat
hij nog wel eens veel luider gelachen had, maar dat troostte Elsje
niet en zij was blij toen het tijd was om van tafel op te staan, ook
al vreesde zij dat haar nu van haar tante een strafpredikatie wachtte,
die dan ook niet uitbleef.
Den volgenden dag was haar plaats veranderd en zat ze naast mevrouw
d'Ablong aan een hoek der tafel. Haar vroegere buurman knikte haar
vriendelijk toe uit de verte en maakte 's avonds een praatje met haar,
maar Elsje was toen zoo bedaard en antwoordde zoo _einsilbig_, dat
hij nauwelijks wist, hoe hij het met haar had. Eenige dagen later was
hij vertrokken--eigenlijk maar een rust, dacht Elsje met een zucht,
terwijl ze zich telkens afvroeg, waarom het toch deftiger was om op
gemaakt zachten toon te spreken en zijne vreugde en droefheid weinig
te toonen, dan om zich precies voor te doen zooals men werkelijk was
en zich voelde.
Previous Page
| Next Page
|
|