Elsje by A.C. Kuiper


Main
- books.jibble.org



My Books
- IRC Hacks

Misc. Articles
- Meaning of Jibble
- M4 Su Doku
- Computer Scrapbooking
- Setting up Java
- Bootable Java
- Cookies in Java
- Dynamic Graphs
- Social Shakespeare

External Links
- Paul Mutton
- Jibble Photo Gallery
- Jibble Forums
- Google Landmarks
- Jibble Shop
- Free Books
- Intershot Ltd

books.jibble.org

Previous Page | Next Page

Page 65

"Mijn lief kind," las ze,

"Wat begin ik nu erg te verlangen dat je weer thuis komt. Het
is mij net alsof je al maanden weg bent geweest. Krelis heeft
het poesje maar weer mee naar huis genomen, hij zou het voor
je bewaren, zei hij. Aafje's zuster is er zoo bang voor en
het arme diertje kan geen goed bij haar doen. Wil je aan
tante zeggen ...."

Dat was alles. Het bericht over Elsje's ziekte was juist te laat
gekomen. Met een diepen zucht gaf zij den brief ter lezing aan mevrouw
d'Ablong, die zeer ontroerd was geweest, toen zij haar weerzag. De
trotsche vrouw was geheel onder den indruk van de eenvoudige
plechtigheid der begrafenis in het dorp, waar ze haar jeugd had
doorgebracht en van het vredig sterven der moeder, wier liefde zij
zoo weinig had gewaardeerd. Voor 't oogenblik althans was haar hart
vervuld van een vurig verlangen om tegenover Elsje goed te maken wat
zij tegenover de oude vrouw had verzuimd en met groote hartelijkheid
sprak zij het bedroefde meisje toe en beloofde haar dat _zij_ nu
voor haar zorgen zou en haar een gelukkig thuis verschaffen. Er
viel een lichtstraal van hoop in Elsje's hart, terwijl ze naar haar
luisterde en iets van haar ouden moed en frisschen levenslust keerde
terug. En er kwam een blik van verbaasde dankbaarheid op haar gezicht,
toen ook C�cile, die hiertoe door hare moeder was aangespoord, haar
vriendelijk toesprak en--hoewel met een haperende stem--zeide, dat
zij hoopte dat Elsje gelukkig zou zijn hier, in haar nieuw tehuis.

Intusschen herstelde Elsje slechts langzaam. Zij bleef hoesten
en aanvallen van koorts krijgen en moest nog steeds haar kamer
houden. "Geduld maar, geduld maar, wij gaan toch vooruit," zei de
dokter en Elsje _was_ geduldig en droeg hare beproeving en haar
leed zoo moedig mogelijk. Het was een zware dag voor haar, toen
grootmama weer naar buiten vertrok en aan den middag van dien dag
zat ze stil en ernstig voor zich uit te zien in den tuin, met een
gevoel van verlatenheid in haar hart, dat zij te vergeefs poogde
te overwinnen. Miss Piper zat bij haar en hare tante had haar een
ruikertje Maartsche viooltjes gebracht, maar daardoor was hare
stemming niet opgewekter geworden en ze moest zich geweld aan doen
om hare tranen te bedwingen.

Daar hoorde zij plotseling een wonderlijk gestommel op de trap en
het vroolijk, helder gelach van een kind; toen een hoog stemmetje,
dat riep: "Jawel, ik kan best alleen. Ik zal wel roepen bij de
deur--ga maar gauw weer weg!" en daarop een getrippel van kleine
voetjes op het portaal. "Open de deur!" riep het heldere stemmetje
weer en toen Miss Piper haastig aan dit verzoek had voldaan, vertoonde
zich een alleraardigste kleine gedaante op den drempel. Twee groote,
donkerblauwe oogen, schitterend van pret, keken uit een rond, blozend
kindergezichtje, waaromheen een donkerrood, geplooid kaperhoedje
was gestrikt, van dezelfde stof gemaakt als het ruime manteljurkje,
dat bevallig neerhing om de kleine gestalte. In hare beiden handen
hield het kleine meisje, stevig vastgeklemd, een eirond voorwerp,
dat in een grijs papier was gewikkeld.

"Daar kom ik aan!" zei ze met een vroolijk gezicht naar Elsje
toeloopend, nadat ze eerst heel beleefd Miss Piper een handje had
gegeven.

"Liesje!" riep Elsje uit, terwijl het kind op haar schoot klauterde,
waarbij het kostbare pakje groot gevaar liep uit de kleine handen
te vallen.

"Ben je nog ziek?" vroeg Liesje, Elsje's gezicht met groote
nauwkeurigheid bekijkend. "Je ziet heelemaal niet bleek."

"Nu niet, omdat ik zoo blij ben dat jij bij me bent."

"Denk je dan dat ik je wat kom brengen?" vroeg Liesje, met zulk een
grappige poging om te kijken alsof zulk een veronderstelling hoogst
ongerijmd zou geweest zijn, dat Elsje hardop lachte.

"Nu, dacht je dat?" vroeg Liesje weer.

"Ik dacht er alleen maar aan hoe prettig ik het vond, je daar opeens
te zien straks," zei Elsje. "Hoe ben je hier toch gekomen?"

"Loulou is beneden bij C�cile, en ik zei dat ik een visitetje bij
jou zou maken," zei Liesje deftig.

"Dat vind ik heel aardig van je."

Previous Page | Next Page


Books | Photos | Paul Mutton | Mon 9th Feb 2026, 17:40